“De marktdynamiek en de verwachte bouwkosten maken het project voor ons uiteindelijk onvoldoende concurrerend om te voldoen aan de vraag van onze klanten naar betaalbare biobrandstoffen,” zegt Machteld de Haan, president Downstream, Renewables and Energy Solutions bij Shell. “Dit was een moeilijke beslissing, maar wel de juiste. We willen onze investeringen richten op projecten die zowel waarde leveren voor onze klanten als voor onze aandeelhouders.”
Duurzame vliegtuigbrandstof
Shell kondigde de fabriek aan in 2021 en de bedoeling was dat deze in 2024 operationeel zou zijn. Het plan was om er duurzame vliegtuigbrandstof (SAF) en hernieuwbare diesel te maken uit gebruikt frituurvet, vetten uit slachtafval, de voedingsmiddelenindustrie en plantaardige oliën zoals raapzaadolie. De installatie zou volgens Shell 2,8 miljoen ton CO₂ per jaar kunnen vermijden, vergelijkbaar met het van de weg halen van ruim een miljoen auto’s. Een deel van de emissies in het raffinageproces zou via het Porthos CCS-project onder de Noordzee worden opgeslagen.
In juli 2024 legde Shell de bouw al tijdelijk stil om de economische haalbaarheid opnieuw te onderzoeken. “Door de bouwwerkzaamheden tijdelijk te pauzeren kunnen we beoordelen wat de meest commerciële manier is om met het project verder te gaan,” zei Huibert Vigeveno, destijds Shell’s directeur Downstream, Renewables and Energy Solutions. Toen al werd de oplevering verschoven naar het "einde van het decennium". Wat de financiële consequenties ('impairment') zijn van het stopzetten van het project is nu nog niet duidelijk. Shell geeft aan daar in de volgende kwartaalrapportage (30 oktober) meer duidelijkheid over te geven.
Waterstof
In de ontwerpplannen maakte Shell ook melding van een aparte waterstofunit op het park. Die installatie moest de proces-waterstof leveren voor de HEFA-stappen (hydrotreating en hydro-isomerisatie) waarmee afvaloliën en -vetten tot hernieuwbare diesel en SAF worden omgezet. Volgens Shell was deze waterstofunit onderdeel van het pakket om de koolstofintensiteit verder te verlagen, naast de koppeling met CO₂-opslag via Porthos. “We maken de waterstof voor het proces met restgassen uit onze eigen fabriek, dus het is groene waterstof. En de CO₂-emissies van de fabriek vangen we af en slaan we op. We kunnen daarmee CO₂-neutraal biobrandstof produceren,” zo zei Shell. Los daarvan bouwt Shell met Holland Hydrogen 1 een 200 MW-elektrolyser op de Maasvlakte die via HyTransPort RTM waterstof naar het Rotterdamse park moet brengen om traditionele (grijze) waterstof deels te vervangen.
Volgens cijfers van de Nederlandse Vereniging Duurzame Biobrandstoffen (NVDB) wordt in Nederland momenteel zo’n 1,8 miljoen ton duurzame biobrandstof geproduceerd - wat gelijk staat aan het voltanken van 2 miljoen vrachtwagens, 175 containerschepen of 11.000 cargovliegtuigen. De geïnstalleerde capaciteit ligt op 2,7 miljoen ton. Het Rotterdamse project van Shell zou daar met 820.000 ton per jaar bijna een derde aan capaciteit aan hebben toegevoegd.
'Gebalanceerde energietransitie'
Directeur Frans Everts van Shell Nederland noemt het stoppen van het project een fikse tegenvaller, maar benadrukt dat het bedrijf wel gewoon biobrandstoffen blijft leveren. "Biobrandstoffen zijn een essentieel onderdeel in de energiemix, nu en in de toekomst. Shell is een belangrijke speler in deze sector en dat blijft zo, ook voor de luchtvaart. Er is dus geen impact van dit besluit op onze klanten van duurzame brandstoffen: we blijven die gewoon leveren. We doen dat via onze Trading business, zoals we dat nu ook al doen." Everts benadrukt dat het energiebedrijf zich blijft inzetten voor een "gebalanceerde energietransitie".
Locatie | Shell Energy and Chemicals Park Rotterdam (Pernis) |
Aangekondigd | September 2021 |
Start bouw | 2022 |
Capaciteit | 820.000 ton per jaar |
Producten | Duurzame vliegtuigbrandstof (SAF) en hernieuwbare diesel uit afvaloliën, -vetten en reststromen |
Beoogde CO₂-reductie | 2,8 miljoen ton per jaar (gelijk aan 1 miljoen auto's van de weg) |
Technologie | Door Shell ontwikkelde conversietechnologie; CO₂-opslag via Porthos-project |
Werkgelegenheid | Honderden banen tijdens de bouwfase, structurele banen na oplevering |
Status | Bouw in 2024 tijdelijk gepauzeerd, september 2025 definitief stopgezet |
Oproep aan politiek
MVO - de ketenorganisatie voor oliën en vetten, "betreurt" het besluit van Shell, zegt beleidsadviseur Ron van Noord. MVO zet zich in voor de verduurzaming van materialen en chemicaliën door het gebruik van plantaardige en dierlijke oliën en vetten als alternatief voor fossiele olie. Van Noord: "Een eigen Nederlandse en Europese biobrandstoffenindustrie is van belang om te voorkomen dat ons continent afhankelijk wordt van import van brandstoffen."
MVO ziet de nieuwe verkiezingen als kans om biobrandstoffen opnieuw op de agenda te zetten. "Wij roepen de partijen die de nieuwe regering gaan vormen op om beleid te maken dat zorgt dat de transportsector zijn bijdrage aan de emissiereductie van broeikasgassen kan leveren. Dit betekent dat de doelstellingen voor het aandeel hernieuwbare energie in transport voor alle sectoren verhoogd moet worden. Bovendien moeten biobrandstoffen van buiten de EU, die niet voldoen aan de duurzaamheidseisen van de markt worden geweerd."
