Metselaars onderzoek, met de titel 'Flexibiliteit werkt: Een onderzoek naar de relatie tussen ruimtelijke flexibiliteit, werk-privébalans tevredenheid en prestaties', gaat specifiek over de vrijheid om thuis te werken en welke effecten dat heeft op de balans tussen werk en privé en op de ervaren prestaties van de werknemer. Dat leverde een aantal interessante conclusies op.
Effecten van thuiswerken
Zo bleek dat thuiswerken niet altijd vanzelf zorgt voor betere resultaten. Wel kan thuiswerken helpen als taken veel focus vragen. Metselaar: ‘Medewerkers geven aan dat zij op thuiswerkdagen minder onderbrekingen van collega’s ervaren en niet worden afgeleid door lawaai in de kantoortuin. Hierdoor lukt het vervolgens beter om gefocust aan hun werktaken te werken.’ Daarnaast kan thuiswerken de werknemer een beter gevoel geven over de werk-privé balans. Een betere focus en een tevreden gevoel kunnen indirect leiden tot betere resultaten op het werk.
Hybride communicatiestructuur
Wat kunnen FM’ers dan doen om met flexibel werken optimale resultaten te behalen? Ten eerste is een goede hybride communicatiestructuur belangrijk, zodat samenwerken mogelijk blijft. Metselaar: ‘Tijdens corona zag ik dat volledig vanuit huis werken niet bevorderlijk was voor de samenwerking. Het duurde voor medewerkers veel langer om hun taken uit te voeren. FM’ers moeten daarom niet vergeten te zorgen voor een goede werkplek thuis met de juiste ICT-middelen.’
'FM’ers moeten niet vergeten te zorgen voor een goede werkplek thuis met de juiste ICT-middelen.’”
Indelen kantoor
En het kantoor zelf? Dat moet vooral dienen als ontmoetingsplek, waar medewerkers zowel formeel als informeel kunnen samenkomen. Metselaar: ‘Hier zit mogelijk wel een spanning. Het is ook belangrijk dat er voldoende afgesloten stilteruimtes zijn waar medewerkers zich kunnen terugtrekken. Aangezien veel organisaties de afgelopen jaren hebben gekort op kantoorruimte, moet er efficiënt worden omgegaan met het indelen van deze ruimte. Mensen lijken nog steeds de voorkeur te hebben op kantoor te zijn als ze moeten samenwerken. Het werk is in die zin nog steeds leidend.’



