De werkneemster treedt op 16 oktober 2023 voor 7 maanden in dienst van de werkgever, een aanbieder van elektronisch deelvervoer. Zij repareert scooters op de werkplaats in het magazijn. Op 11 januari 2024 klimt zij tijdens haar werk op een ladder die in het magazijn staat bij een 2,8 meter hoog plateau. Op dat plateau liggen onderdelen opgeslagen. De werkneemster valt van de ladder en raakt daarbij gewond.
De werkneemster stelt de werkgever voor de kantonrechter aansprakelijk voor haar schade als gevolg van het arbeidsongeval op grond van artikel 7:658 BW. Zij vordert ook een voorschot op deze schade, smartengeld van € 6.000 en vergoeding van haar kosten.
Ladder veilig en voldaan aan instructieplicht?
Het staat vast dat de werkneemster schade heeft geleden toen zij van de ladder viel. De werkgever en werkneemster verschillen echter van mening over twee punten. Ten eerste over de vraag of die ladder voldeed aan de daaraan te stellen veiligheidseisen. Ten tweede over de vraag of de werkgever heeft voldaan aan zijn instructieplicht over het gebruik van die ladder.
De ladder moet een deugdelijke constructie hebben en voorzien zijn van een antislipinrichting (zie artikelen 7.4 en 7.23a Arbobesluit). Artikel 8 Arbowet verplicht de werkgever om de werknemers doeltreffend in te lichten over de te verrichten werkzaamheden en de daaraan verbonden risico’s. En over de maatregelen die erop gericht zijn die risico’s te voorkomen of te beperken. Bovendien moet de werkgever volgens dat artikel toezien op de naleving van de gegeven veiligheidsinstructies en -voorschriften.
De werkneemster: ladder is onveilig
De werkneemster geeft aan de ladder die bewuste dag gebruikt te hebben om reserveonderdelen van het plateau te halen. De ladder iss volgens haar versleten en niet voorzien van slippreventie. Na het ongeval zou de werkgever deze ladder vervangen hebben door een nieuw exemplaar.
Verder stelt zij dat zij nooit veiligheidsinstructies heeft gehad. Evenmin is zij op de hoogte gebracht van veiligheidsvoorschriften over het halen van reserveonderdelen van het plateau. Daarnaast heeft de werkgever haar niet op veilige mogelijkheden gewezen om de reserveonderdelen te kunnen pakken. En tot slot heeft de werkgever haar geen instructies of voorschriften gegeven over het gebruik van de ladder.
De werkgever: ladder is veilig
De werkgever stelt dat aan de werkneemster wél veiligheidsinstructies zijn gegeven. Bovendien stelt hij dat het plateau alleen in gebruik is voor de opslag van ongebruikte en kapotte apparatuur. Spullen van het plateau halen zou daarnaast niet tot de taken van de werkneemster horen.
De gebruikte ladder is volgens de werkgever nog steeds aanwezig. Die is niet bedoeld om spullen van het plateau te pakken, maar alleen om plekken op hoogte te bereiken. Bovendien is die ladder van goede kwaliteit, nagenoeg nieuw en voldoet hij aan de wettelijke eisen, zoals slippreventie.
Werkgever moet alle schade vergoeden
De kantonrechter oordeelt dat de standpunten van partijen over de (on)veiligheid van de ladder erg uit elkaar lopen. Daarom mogen zij aanvullende stukken in het proces brengen om hun gelijk aan te tonen. Uiteindelijk slaagt de werkgever hier niet in. De kantonrechter veroordeelt hem daarom tot vergoeding van alle schade.
Bron: Kantonrechter Rotterdam, 17 januari 2025 – ECLI:NL:RBROT:2025:466














