Hieronder bespreek ik de twee arbeidsongevallen bij SABIC en de overwegingen van de rechtbank die hebben geleid tot het opleggen van deze miljoenenboete (ECLI:NL:RBOBR:2024:306).
1. Arbeidsongeval bij SABIC in december 2016
Het eerste arbeidsongeval bij SABIC heeft plaatsgevonden op 28 december 2016. De rechtbank citeert voor de samenvatting van de toedracht uit een proces-verbaal, opgemaakt door de opsporing.
Op deze ochtend moesten twee operators in een naftakrakeroven een 'ontwaterprocedure' uitvoeren door het handmatig bedienen van twee afsluiters. Volgens de procedure moet eerst de cokespotafsluiter worden opengedraaid en vervolgens de buitenluchtafsluiter. Maar één van de twee operators heeft eerst de buitenluchtafsluiter opengedraaid.
Hierdoor kwam via de buitenluchtdemper, die zich boven de buitenlucht- en cokespotafsluiter bevindt, veel vloeistof naar buiten. De twee operators raakten overgoten door vloeibare koolwaterstoffen. De dampen van de brandbare stoffen werden ontstoken en de doordrenkte kleding van de operators vatte vlam. Eén operator liep ernstige brandwonden op, de ander overleed een paar weken later in het ziekenhuis aan zijn verwondingen.
Onvoorzichtig, onachtzaam en onzorgvuldig handelen
De rechtbank is van oordeel dat SABIC aanmerkelijk onvoorzichtig, onachtzaam en onzorgvuldig heeft gehandeld. Hierdoor is aan hun schuld te wijten dat een gevaarlijke stof de lucht in werd gebracht. Dit handelen had de dood van één van de operators tot gevolg. In het bijzonder constateert de rechtbank verschillende fouten aan de zijde van het bedrijf.
Onvolledige identificatie gevaren en risico's
Zo blijkt dat het bedrijf de identificatie van gevaren en risico's van het werken met nafta onvolledig heeft uitgevoerd. Dit terwijl in het verleden weleens was voorgekomen dat iemand geraakt werd door vloeistof die via de buitenluchtdemper naar buiten kwam.
Afsluiter sloot niet goed door vervuiling
Daarnaast is gebleken dat de slaveafsluiter niet geheel sloot vanwege vervuiling en er daardoor gevaarlijke stoffen door de afsluiter lekten.
Afsluiters niet duidelijk gemarkeerd
Verder rekent de rechtbank het SABIC zwaar aan dat het niet de cokespotasfluiter en buitenluchterafsluiter zodanig herkenbaar had gemarkeerd dat misverstanden over de aard van de afsluiters werd voorkomen. Zo was het eerst openen van de verkeerde afsluiter te voorkomen geweest.
Aftapleiding was verstopt
Bovenop dit alles heeft de rechtbank ook geconstateerd dat de aftapleiding aan de kant van de buitenluchtleiding verstopt was. Hierdoor kon vloeistof in de buitenluchtdemper niet via de leiding weglopen, wat ook van invloed kan zijn geweest op het vloeistofpeil in de buitenluchtdemper.
Kans aanvaard op niet-treffen noodzakelijke maatregelen
Door zodanig te handelen, heeft SABIC volgens de rechtbank willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaard dat het niet alle maatregelen trof die nodig waren. Nodig om zware ongevallen te voorkomen en daarnaast de gevolgen daarvan voor mens en milieu te beperken.
Want het bedrijf liet maatregelen achterwege ten aanzien van tekortkomingen die het uit ervaring kende. Ook had het bedrijf het onderhoud van zijn installatie niet op orde. Daarnaast liet het na om maatregelen bij het gebruik van nafta te treffen, terwijl het dit wel bij andere ovens had gedaan.
Wegens al deze fouten heeft een zwaar ongeval in december 2016 plaatsgevonden. Maar volgens de rechtbank had dit ook makkelijk tot een ander zwaar ongeval kunnen leiden, op een ander moment en met andere gevolgen.
Niet voldaan aan plichten die op een Brzo-bedrijf rusten
De rechtbank is verder van oordeel dat SABIC niet heeft voldaan aan de verplichting die op hem als een Brzo-bedrijf rustte. Namelijk om alle maatregelen te treffen die nodig zijn om zware ongevallen te voorkomen en de gevolgen daarvan voor menselijke gezondheid en milieu te beperken.
Het bedrijf heeft zich daarmee schuldig gemaakt aan overtreding van artikel 173b van het Wetboek van Strafrecht. En aan een opzettelijke overtreding van artikel 5 van het Besluit risico's zware ongevallen 2015.
2. Arbeidsongeval bij SABIC in mei 2019
Het tweede arbeidsongeval bij SABIC vond plaats in de nacht van 8 op 9 mei 2019. Tijdens een nachtdienst bevonden twee medewerkers zich in een andere naftakraker voor controle van een afsluiter. Toen zij de afsluiter openden stroomde er – geheel onverwachts – hete olie met grote kracht naar buiten. Eén medewerker liep hierbij tweedegraads brandwonden op.
Onvoorzichtig, onachtzaam en onzorgvuldig handelen
De rechtbank is van oordeel dat SABIC aanmerkelijk onvoorzichtig, onachtzaam en onzorgvuldig heeft gehandeld. Ook in dit geval constateert de rechtbank verschillende fouten aan de zijde van het bedrijf.
Niet aangegeven dat het om speciaal type afsluiter ging
De rechtbank merkt in haar vonnis op dat het bedrijf heeft nagelaten om kenbaar te maken dat de te controleren afsluiter een speciaal type afsluiter betrof. Een waarvan de bediening ook anders was dan bij de overige afsluiters.
Niet op de hoogte van afwijkende afsluiter
Ook rekent de rechtbank het SABIC aan dat het niet op de hoogte was dat in de fabriek een afwijkende afsluiter aanwezig was. Dit doordat deze was geplaatst voordat de fabriek was overgenomen. Dit kan het bedrijf echter niet ontslaan van zijn verantwoordelijkheid om duidelijkheid te verschaffen over de soort afsluiter en de bediening daarvan.
Procedures linebreak niet gevolgd
Daarnaast had het bedrijf het controleren van deze afsluiter moeten beschouwen als een 'linebreak'. Er moest namelijk een doorgang worden gemaakt in een actief koolwatersysteem. Volgens de rechtbank voldoet dat aan de definitie van een linebreak. Het bedrijf had ten tijde van het voorval wel voorgeschreven procedures bij een linebreak (zoals een LMRA: Last Minute Risk Analysis). Maar die zijn niet gevolgd.
Summiere opdracht lijkt routineklus
Bovendien speelt de wijze waarop de opdracht aan de medewerkers is gegeven een rol. De medewerkers kregen per e-mail een summiere opdracht zonder vermelding van de bijzondere afsluiter. De medewerkers zijn er hierdoor ten onrechte van uitgegaan dat het een routineopdracht was. Hierdoor is er op voorhand ook geen Job Safety Analyse verricht.
Niet dragen voorgeschreven PBM
Verder droeg de medewerker die geraakt werd door de hete olie geen persoonlijke beschermingsmiddelen ten tijde van het voorval. Terwijl dit wel was voorgeschreven als men werkte met dit type materiaal.
Kans aanvaard op niet-treffen noodzakelijke maatregelen
Bovenstaande omstandigheden leiden ertoe dat de rechtbank van oordeel is dat SABIC willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zij niet alle maatregelen heeft getroffen om een zwaar ongeval te voorkomen.
Het bedrijf heeft zich daarmee schuldig gemaakt aan een opzettelijke overtreding van artikel 5 van het Besluit risico's zware ongevallen 2015 en artikel 32 van de Arbeidsomstandighedenwet.
Dit is waarom de rechtbank een miljoenenboete oplegt
Naast de twee arbeidsongevallen hebben bij SABIC ook twee ongevallen plaatsgevonden met ernstige gevolgen voor het milieu en de omgeving. De rechtbank meent dat het bedrijf niet de grootst mogelijke alertheid en zorgvuldigheid heeft betracht bij het beperken van risico's en het treffen van maatregelen om zware ongevallen te voorkomen. Dit gelet op het feit dat het bedrijf tot de zwaarste categorie risicobedrijven hoort.
Louter reactieve houding SABIC
Dankzij de nalatigheid van SABIC zijn bij twee ongevallen twee werknemers ernstig gewond geraakt en is één werknemer overleden. De louter reactieve houding van het bedrijf lijkt ook een rol te spelen bij de hoogte van de boete. Het bedrijf heeft op verschillende momenten niet of nauwelijks gereageerd op symptomen of aanwijzingen voor gevaren in zijn fabrieken.
Werd er wel gehandeld, dan werden de problemen alleen verholpen maar zocht het bedrijf niet naar een permante oplossing. Er hebben meerdere soortgelijke incidenten plaatsgevonden. Die hadden een signaal moeten zijn voor nader onderzoek, nadere inventarisatie van risico's en het treffen van maatregelen. Het bedrijf heeft echter slechts op beperkte schaal verbeteringen doorgevoerd, ondanks de vele incidenten.
Veiligheidsbeleid had niet de hoogste prioriteit
Had SABIC zich net een beetje meer ingespannen om de veiligheid van zijn medewerkers te waarborgen, dan waren de incidenten in december 2016 en mei 2019 te voorkomen geweest. Bijvoorbeeld door afwijkende afsluiters goed te labelen of duidelijke instructies te geven.
De rechtbank is daarom van oordeel dat het veiligheidsbeleid niet de hoogste prioriteit van het bedrijf genoot. Het leek erop dat het liever zijn bedrijfsprocessen zo lang mogelijk operationeel wilde houden. SABIC trof immers alleen maatregelen na een ongewoon voorval of zwaar ongeval.
Hoogste boetecategorie is hier niet bestraffend genoeg
De rechtbank is daarom van mening dat de hoogste boetecategorie ter hoogte van 1.030.000 euro niet bestraffend genoeg is. Daarom besluit zij om een boete ter hoogte van 10 miljoen euro op te leggen. Deze miljoenenboete is mede gebaseerd op de omzet van het moederbedrijf van SABIC.
De conclusie lijkt daarmee gerechtvaardigd dat rechters bij zeer ernstige arbeidsongevallen en ernstige nalatigheid bij het treffen van maatregelen ter voorkoming daarvan, naar zeer zware straffen zullen grijpen. Een duidelijk signaal dat (werknemers)veiligheid aandacht verdient. Het bedrijf is in hoger beroep gegaan.




















